Zonneboeren in het Groene Hart?

In gemeente Borger-Odoorn heeft landbouwer Jan Reinier de Jong samen met het bedrijf GroenLeven een groep van boeren gevormd die een deel van hun grond willen afstaan voor aanleg van zonneparken. Het idee erachter  is: geef gemeentebesturen een kaart met potentiële zonne-akkers en zeg: ‘Kies maar uit waar je ze hebben wilt.’ Dat geeft te denken. Wat als er boeren in het Groene Hart zonneboer willen worden? Hoe gaan onze gemeenten daar dan mee om? Maar vooral: wat vinden we er van?

Zonnepanelen op daken van huizen zien we overal en worden over het algemeen niet als storend ervaren. Maar in weilanden … ? Afgelopen week hielden we een ‘poll’ op Twitter. We vroegen:

‘Onder welke voorwaarden vindt u zonneweides in het Groene Hart acceptabel?’

  1. Tijdelijk prima – bijvoorbeeld voor 5 jaar
  2. Met behoud van het open landschap
  3. Alleen voor lokaal gebruik
  4. Niet doen, want …

23% koos die laatste optie. De argumenten die werden gegeven waren bijvoorbeeld : ‘Gewoon niet doen, houdt het Groene Hart groen’. Een keuze die inhoudt dat je nee zegt tegen initiatiefnemers als De Jong, met als mogelijk gevolg dat dergelijke ondernemers andere energiebronnen gebruiken die ook niet altijd even gewenst zijn. Een gedachte was om van de boeren te eisen eerst de daken van hun stallen vol te leggen met panelen, voordat ze hun weilanden daarvoor mogen gebruiken.

De meeste stemmen kreeg optie 2. In totaal stemde 62% voor toestaan, maar wel met behoud van het open landschap. Hoe dat te waarborgen is een belangrijke vraag, waar Paul Roncken een interessant stuk over schreef als handleiding voor bestuurders en ambtenaren die dergelijke initiatieven moeten beoordelen. Dit is te vinden op de speciale pagina van Paul Roncken op de website van de provincie Utrecht,

Persoonlijk ging ik voor optie 1, maar tijdelijk toestaan kreeg geen stem.  Ik had verwacht dat er meer behoefte zou zijn om de ‘last’ van uitzichtbederf te delen. Tijdelijk toestaan op één plek, waarna de panelen verhuizen naar een andere plek.

Zonneweides aanleggen voor lokaal gebruik, tenslotte, kreeg 15% van de stemmen. Er zijn dus wel mensen te porren voor een uitzicht op een zonneweide als ze zelf ook de energie kunnen gebruiken die het opwekt. Het zijn er alleen niet heel veel.

Het aspect flora en fauna kwam niet uit de poll naar voren. Toch wel iets om ook naar te kijken ?! Waar panelen staan heeft dat zeker effect op kwetsbare soorten. Waarschijnlijk minder probleem voor raaigras, maar wel met kruidige en blauwgraslanden. Ook weidevogels zullen reageren op veranderde omstandigheden. De kans is niet zo groot dat ze gaan nestelen onder een paneel. Of  juist wel …?

Hoewel de poll een beperkt aantal respondenten kende, geeft het toch een beeld dat de Stichting Groene Hart helpt om de goede discussie te voeren en aandacht te vragen voor wat in het Groene Hart belangrijk is – behoud van openheid. Het is onvoldoende als initiatieven alleen beoordeeld  worden op hun bijdrage aan transitie naar duurzame energiebronnen of de rentabiliteit voor de initiatiefnemer. Om de landschappelijke en ruimtelijke kwaliteit in het Groene Hart niet te verliezen.

U kunt ons volgen en nog bijdragen aan de poll via:

Twitter @StGroeneHart
Facebook @Sgroenehart

Sandra van Winden,
bestuur Stichting Groene Hart

This article has 2 comments

  1. Rob Reply

    Ik zou ze zo hoog zetten dat eronder wat kan groeien en de dieren eronderdoor kunnen of kunnen schuilen.

  2. E.Munnig Schmidt Reply

    Natuurlijk ben ik voor het plaatsen van zonnepanelen op daken waar dat past. Open landschap hoort groen te zijn, wel lijkt mij mogelijk om panelen te plaatsen in perken omgeven door beuken-of taxushagen die iets hoger zijn dan de panelen zodat zij geen schaduw daarop werpen, waardoor op afstand alleen het groen te zien is.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *