Bestaande woningen van gas los?

Esther van den Bor – Bij de energiebesparingsdoelen die in Parijs internationaal zijn afgesproken, gaat het om CO2-reductie. Als we onze energievoorziening in 2050 volledig duurzaam willen maken, dan moeten we de komende 33 jaar veranderen naar een energiesysteem dat geen CO2 meer uitstoot. Maar de bestaande woningen hebben bijna allemaal een gasleiding. Voor de verwarming van de woning, voor koken van eten en verwarming van (douche)water.
Drie belangrijkste mogelijke wegen naar het beëindigen van het gebruik van aardgas zijn te omschrijven.

  1. All-electric Een woning kan volledig overgaan op elektriciteit. Pas wanneer die elektriciteit duurzaam wordt opgewekt ontstaat echt CO2 reductie ten opzichte van de huidige situatie. Goede isolatie voor een laag energieverbruik, zonnepanelen en een zonneboiler plus een warmtepomp zijn daarbij nodig. Koken kan via inductie. Deze omschakeling vergt veel van het net en opslag van energie in de maanden dat de zon weinig elektriciteit produceert is een opgave. Combineren met slimme meters en tijdelijke opslag in elektrische auto’s worden als mogelijkheid genoemd.
  2. Combi elektrisch en gas Er zijn installatieconcepten op de markt waarbij het gebruik van een micro-wk, een batterij, een energiemanagementsysteem en 10 zonnepanelen plus een beetje CO2 neutraal gas een woning voorziet van alle energie. De gasleiding blijft in gebruik. Nu is er nog maar weinig groen (bio)gas maar in de toekomst neemt dat zeker toe. Ook is het proces ‘Power to Gas’ in ontwikkeling waarbij water met behulp van elektrolyse wordt omgezet naar waterstof en zuurstof. Waterstof kan aangevuld worden met CO2 waarmee synthetisch (circulair) gas (SNG) beschikbaar komt. Zowel het waterstofgas als het SNG kunnen voor de lange termijn gebruikt worden om energie op te slaan. Het aardgasnetwerk wordt een opslagsysteem voor energie. De opwekking van energie kan gereguleerd en gebruikt worden op die momenten dat de woning ook daadwerkelijk (warmte) energie nodig heeft.
  3. Collectief warmtesysteem Collectieve verwarmingssystemen moeten in samenwerking met woningcorporaties en gemeenten worden aangelegd. In wijken waar dat mogelijk is moeten grootschalige nul-op-de-meter renovaties worden gecombineerd met een aansluiting op een warmtenet. Dat kan een warm-waternetwerk zijn (stadsverwarming via restwarmte van industrie, warmte uit diepe aardbronnen of andere warmtebronnen), of een collectief gasnetwerk (ook hier zijn biogas, waterstof of synthetisch gas (SNG) mogelijk als CO2 neutrale energiedragers). In alle gevallen moeten de woningen fors worden geïsoleerd om de warmtevraag zo klein mogelijk te maken. In echte oude stadswijken zullen binnen afzienbare tijd de bestaande gasleidingnetwerken vervangen moeten worden. Dé kans om collectief te gaan! Diverse woningcorporaties, bouwers en warmtebedrijven ondertekenden de overeenkomst ‘Warmteversnelling’. Oefenen en leren van elkaar is nodig!

Volgende keer richt ik de aandacht op de taken van alle partijen in deze complexe materie.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *