Warmte is de grootste opgave, hoe groot dan?

Esther van den Bor – Vrijwel CO2 neutraal in 2050

Eind 2016 presenteerde de regering de Energieagenda. De agenda schetst het beleid na 2023 dat moet leiden tot CO2-uitstoot in de bebouwde omgeving met 80 procent te reduceren in 2050. Volgens Energietrends, een statistische publicatie van Energie Centrum Nederland (ECN) en de elektriciteitssector, wordt 93 procent van de woningen in Nederland verwarmd met een gasgestookte ketel. Daarmee zorgt het verwarmen van woningen voor bijna 10 procent van de totale Nederlandse uitstoot van broeikasgassen. Wanneer die hoeveelheid fossiel gas teruggedrongen moet worden kan dat via twee belangrijke wegen. Ten eerste het beter isoleren van gebouwen, waarmee de totale warmtevraag af neemt. Ten tweede zal aardgas als warmtebron vervangen moeten worden door alternatieve warmtebronnen die minder CO2-uitstoten. Alternatieve bronnen zijn bovendien op grond van de huidige geopolitieke aspecten ‘veiliger en stabieler’.

De omvang van de opgave
Verwacht wordt dat we door verbeterde isolatie van bestaande woningen ca 40% van de warmtevraag kunnen vermijden. Daarnaast moeten voor de restvraag aan warmte alternatieve warmteleveranciers gevonden worden. Het gaat in heel Nederland over 7 miljoen woningen die verbeterd en aangepast moeten worden. Oftewel ieder jaar vanaf nu moeten 170.000 woningen geleidelijk worden losgekoppeld van het fossiele gasnet. Voor nieuwbouw klinkt de roep om ‘gasloos bouwen’. Op dit moment heeft iedere woning nog recht op een aansluiting op het gasnetwerk. Dit recht zal verdwijnen en er komt een recht op een warmte-aansluiting voor in de plaats. Geen enkele nieuwbouwwoning zal dan nog een aansluiting op aardgas krijgen. Hoe dat in zijn werk gaat? Volgende week een kijkje in die wereld.

This article has 1 comment

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *